EVEN VOORSTELLEN
Korte poten,
een tong die alles zegt.
De Indonesische blauwtongskink leeft op Nieuw-Guinea en verschillende omliggende Indonesische eilanden. Onder de naam Tiliqua gigas vallen meerdere ondersoorten en eilandvormen. Ze bewonen vochtige laaglandbossen, bosranden, savanneachtige gebieden en plantages, meestal dicht bij de bodem en veel beschutting.
Afhankelijk van ondersoort en herkomst worden volwassen dieren vaak ongeveer 45–65 centimeter lang; Merauke-dieren kunnen langer worden. Ze zijn slanker en langstaartiger dan veel Australische blauwtongen. Met goede verzorging kunnen ze 15–20 jaar of ouder worden.

PAPIEREN BIJ OVERDRACHT
Tiliqua gigas
Deze soort staat niet op de CITES- of EU-bijlagen. Bij een normale overdracht binnen Nederland is daarom geen CITES-document of EU-certificaat nodig. Een aankoopbewijs met de soortnaam en gegevens van beide partijen blijft wel verstandig.
Controleer de actuele CITES-status bij RVO ↗ONDERSOORTEN & LOKALITEITEN
De juiste luchtvochtigheid.
De aanbevolen temperaturen zijn voor deze Indonesische vormen vrijwel gelijk. Het belangrijkste verschil zit in de relatieve luchtvochtigheid. Meet die met een digitale hygrometer laag aan de koele kant en bied daarnaast altijd een vochtige schuilplek.
Klassiek Indonesisch
60–80% RLVHalmahera
70–80% RLVRicht vooral op de vochtige bovenzijde van het bereik.Sorong
60–80% RLVMerauke
60–80% RLVKei-eilanden
60–80% RLVIrian Jaya
60–80% RLVGeen constante sauna: de luchtvochtigheid mag door de dag schommelen. Houd de diepere bodem licht vochtig, laat oppervlakken plaatselijk opdrogen en zorg steeds voor goede ventilatie.
HUISVESTING
Een brede, levende bosbodem.
Voor één volwassen dier adviseren wij minimaal ongeveer 150 (L) × 60 (B) × 60 (H) centimeter; een lang Merauke-dier verdient liever 180 centimeter lengte. Het dier moet volledig kunnen strekken, keren, graven en tussen warme, koele, droge en vochtige plekken kiezen.
Houd blauwtongskinken bij voorkeur afzonderlijk. Ze zoeken in de natuur geen gezellig groepsleven en kunnen elkaar bij voer, warmte of paring ernstig bijten. Een groot verblijf maakt samenhouden niet automatisch veilig.
De bodem
Bied minimaal 15–25 centimeter vochtvasthoudende, graafbare bodem van onbemeste aarde, kokosvezel, bladcompost en bladstrooisel. De diepere laag blijft licht vochtig; de bovenlaag mag plaatselijk opdrogen. Vermijd stoffige snippers, calciumzand, meststoffen en geurige houtsoorten.
De inrichting
Geef meerdere ruime schuilplaatsen, lage kurktunnels, wortels, stevige lage stammen en veel bladstrooisel. Alles moet breed en stabiel zijn: een volwassen blauwtong is sterk en duwt lichte decoratie zonder moeite aan de kant.
Water & ventilatie
Bied permanent een zware, ondiepe waterbak waarin het dier desgewenst kan weken. Ververs dagelijks. Combineer vocht met ruime dwarsventilatie; een warme, natte bak zonder frisse lucht is geen regenwoud maar een voedingsbodem voor huid- en luchtwegproblemen.
LICHT, UVB & WARMTE
Een warme open plek tussen het groen.
Deze dagactieve skink heeft een brede zonplek nodig waar de hele romp opwarmt, met daarbuiten koelere beschutte zones. De temperatuurgradiënt hieronder is geschikt voor alle Indonesische vormen op deze pagina; de RLV verschilt licht per vorm.
Een brede UVB-zone
Gebruik een lineaire T5 HO-buis met reflector over ongeveer de helft van het verblijf. Richt bij de zonplek op grofweg UVI 2–3 op rughoogte, met schaduw waar de UVI naar nul daalt. Meet met een Solarmeter 6.5; percentage, gaas en afstand bepalen samen de werkelijke dosis.
Warm de hele romp op
Gebruik één brede halogeen-flood of bij een groot dier twee lagere floods naast elkaar, veilig afgeschermd en geregeld met een dimmende thermostaat. Meet het oppervlak met een infraroodthermometer en de lucht met digitale sondes.
Helder daglicht
Een heldere 6500K-ledbalk ondersteunt activiteit, beplanting en een duidelijk dag-nachtritme van ongeveer 11–13 uur. Led vervangt UVB of zonnewarmte niet.
Vocht met frisse lucht
Gebruik de RLV-tabjes hierboven als uitgangspunt. Laat de waarde door de dag wisselen en bied altijd vochtige schuilgrond én drogere oppervlakken.
Meet op verschillende plekken. Problemen met tenen en vervelling betekenen niet automatisch dat de hele bak natter moet; controleer ook bodemvocht, ventilatie en temperatuur.
VOEDING
Groen, slakken en slimme variatie.
Indonesische blauwtongskinken zijn opportunistische omnivoren. Volwassen dieren krijgen een hoofdzakelijk plantaardige basis met gevarieerde dierlijke eiwitbronnen; jonge dieren hebben tijdens de groei relatief meer dierlijk voer nodig. Voer volwassen dieren meestal twee tot drie afgemeten maaltijden per week en bewaak gewicht en lichaamsvorm.
Blad & groente
- Andijvie, witlof en paardenbloemblad
- Paksoi, rucola en weegbree als variatie
- Pompoen, courgette, sperzieboon en wortel
- Veilige onbespoten kruiden en bloemen
- Fruit hooguit een klein deel van het menu
Heel en herkenbaar
- Veilig gekweekte slakken, liefst met huisje
- Dubia’s, sprinkhanen en goed gevoerde krekels
- Regenwormen uit betrouwbare kweek
- Een kleine portie compleet KVV voor honden, zonder kruiden, ui of knoflook
- Af en toe gekookt ei als variatie
- Geen buiten gevangen slakken of insecten
Voorkom een dik worstje
- Geen avocado, ui, prei of rabarber
- Geen gekruid, zout of bewerkt menseneten
- Weinig zoet fruit en geen dagelijkse banaan
- Vette larven alleen als traktatie
- Geen grote hoeveelheden spiervlees zonder bot of organen
CALCIUM & VARIATIE
Niet iedere hap hoeft wit te zijn.
Bepoeder insecten en zelf samengestelde maaltijden dun met calcium zonder D3 wanneer de UVB aantoonbaar goed is. Gebruik een compleet reptielenmultivitamine volgens het etiket en stem frequentie af op leeftijd en menu. Hele slakken en gevarieerde ingrediënten leveren meer dan steeds dezelfde zachte eiwitbron.
De tong is fel. Het plan erachter is eenvoudig.
Even groot lijken, blauw laten zien en hopen dat het gevaar besluit ergens anders te gaan eten.
GEDRAG & GEZONDHEID
Vertrouwen groeit op vier korte poten.
Rustig wennen
Laat een nieuw dier eerst wekenlang eten, graven en schuilen zonder onnodig hanteren. Werk laag bij de grond, nader van opzij en ondersteun het hele lichaam. Sissen, plat worden en de tong tonen betekenen dat je te snel gaat.
Herkomst & quarantaine
Veel Indonesische blauwtongen in de handel zijn geïmporteerd of hebben een onduidelijke voorgeschiedenis. Houd een nieuw dier minstens 90 dagen apart, laat ontlasting meermaals op parasieten onderzoeken en deel geen gereedschap met andere reptielen.
Vervelling
De huid laat meestal in losse stukken los. Achterblijvende huid rond tenen en staartpunt vraagt controle van vochtige schuilgrond, hydratatie en inrichting. Trek nooit droog aan vastzittende huid.
Bek & ademhaling
Slijm, belletjes, openbekademhaling buiten het zonnen, klikgeluiden, verkleurd tandvlees of een gezwollen kaak vragen snel een reptielkundige dierenarts. Controleer eerst ook temperatuur en ventilatie.
Gewicht & nagels
Weeg maandelijks. Een steeds ronder lichaam, dikke staartbasis en moeilijk lopen wijzen vaak op overvoeding. Veel graafbare bodem, stevige looproutes en natuurlijke slijtage helpen de nagels; knip nooit zonder te weten waar het bloedvat loopt.
Hygiëne
Verwijder ontlasting en oud voer direct, ververs water dagelijks en was handen na ieder contact. Maak bakken niet in de keuken schoon. Jaarlijkse ontlastingscontrole blijft verstandig, ook wanneer het dier gezond lijkt.
VOORDAT DE BLAUWTONGSKINK KOMT
De boodschappenlijst.
Vraag eerst naar ondersoort, lokaliteit en herkomst. Richt daarna het volledige verblijf in en meet het minstens een week voordat het dier verhuist.
- Terrarium van minimaal circa 150 × 60 × 60 cm, groter voor lange vormen
- 15–25 cm vochtvasthoudende, graafbare bodem
- Meerdere ruime schuilplaatsen en veel bladstrooisel
- Stabiele lage wortels, kurk en looproutes
- Brede halogeen-zonplek op dimmende thermostaat
- Lineaire T5 HO-UVB met reflector
- Heldere 6500K-daglichtbalk
- Solarmeter 6.5 en infraroodthermometer
- Digitale thermometers en hygrometers met sondes
- Zware, ondiepe waterbak
- Gevarieerd bladgroen, groenten, kweekinsecten en slakken
- Calcium en compleet reptielenmultivitamine
- Quarantainebak en eigen schoonmaakmateriaal
- Aankoop- of overdrachtsbewijs met exacte soort en herkomst
ONZE DIERENARTS VOOR BIJZONDERE DIEREN
Dierenarts BOB in Baarn.
Laat bij een nieuw of geïmporteerd dier vroeg ontlasting onderzoeken. Voor reptielenzorg gaan wij naar Dierenarts BOB in Baarn.
BRONNEN
← Terug naar alle dieren